Politiek Kwartier | Een boete op samenleven

Facebooktwittergoogle_pluslinkedinmail

COLUMN – Niet alleen de kostendelersnorm, het hele idee om samenleven te beboeten hoort bij de ‘maatwerkziekte’ die uiteindelijk de sociale zekerheid ondermijnt.

Afgelopen weken is veel gedebatteerd over de zogenaamde kostendelersnorm, door tegenstanders ook wel de mantelzorgboete genoemd. Een bejaarde die een familielid in huis neemt mag vanaf volgend jaar juli driehonderd euro per maand van zijn of haar AOW inleveren.

Dit terwijl het kabinet Rutte II tevens bedacht heeft dat het flink op de zorg kan bezuinigen door werk af te schuiven op vrijwilligers. Verplegend personeel kan ontslagen worden om dat werk dan gratis laten doen door mensen die toch niet veel omhanden hebben… bijvoorbeeld omdat ze net ontslagen zijn. En wanneer deze mensen niet willen, dan dwingen we ze wel door middel van boetes op een uitkering.

Maar het houdt hier dus niet op, want wie geconfronteerd wordt met wegvallende zorg voor oma, en oordeelt dat het dan maar handig is om voor de 24-uurszorg die nodig is bij oma in te trekken, ziet oma dus per juli volgend jaar beboet met driehonderd euro per maand. Mensen worden hiermee driedubbel gepakt.

Logisch, zegt Klijnsma. Mensen die samenwonen hoeven minder uit te geven. En dan kan de uitkering ook wel wat minder hoog zijn.

Op zich lijkt deze gedachte consequent. AOW’ers die samenwonen krijgen ook minder geld. Precies hetzelfde geldt voor mensen met een bijstandsuitkering.

Maar is dat wel zo consequent? Voor mensen met een WW-uitkering of een arbeidsongeschiktheidsuitkering geldt dit immers niet. En ook voor mensen met een baan die samen gaan wonen gaan de belastingen niet omhoog.

Dat laatste zou Klijnsma eens moeten durven voorstellen. Het land zou te klein zijn. Waarom laten we het dan wel gebeuren met mensen met een AOW of Bijstanduitkering?

Voor de samenleving is het aan alle kanten gunstig als mensen gaan samenwonen. Het drukt het beroep dat op de zorg wordt gedaan, vaak ook als het gaat om niet-erkende mantelzorgers. Daarbij is het gunstig vanwege ons chronisch tekort aan woonruimte. Verder gebruiken mensen die op één adres wonen gemiddeld minder energie. Allemaal wenselijke zaken. Wie samen gaat wonen mag daar daarom van mij best ook zelf voordeel hebben.

Daarbij is het telkens willen toepassen van maatwerk dodelijk in de sociale zekerheid. De bedilzucht van de overheid neemt hierdoor alleen maar toe. Er moet weer gecontroleerd worden wie er samenwoont en wie niet. Tandenborstels tellen dus. Ook de bureaucratie neemt toe. En er ontstaan weer allerlei mogelijkheden tot fraude, terwijl aan de andere kant mensen die we eigenlijk juist zouden willen helpen net overal buiten de boot vallen, of tegen een muur van regels aanlopen.

Zoals in dit geval de mantelzorgers. Want zij zijn het slachtoffer van een denktrant die niet alleen door Klijnsma, maar ook door de verzetshelden tegen de kostendelersnorm, zoals het CNV en de Christenlijke partijen, uiteindelijk heel logisch genoemd wordt. Maar voor de mantelzorgers dan weer even niet.

Het is typisch Nederlands om hier vervolgens dan weer een uitzondering voor te gaan verzinnen. En zo holt al decennia ons sociale stelsel achteruit, doordat we het verzuipen in regelgeving. Uiteindelijk komen we te zitten met een systeem dat naast onuitvoerbaar en fraudegevoelig in praktijk ook nog eens aan alle kanten onrechtvaardig blijkt te zijn, en juist dat stimuleert wat uiteindelijk het meest kostbaar is.